PRIESTER ZIJN IS GEEN KUNST, MAAR PRIESTER-WORDEN DAAR DOE JE HEEL JE LEVEN OVER

zaterdag 1 en zondag 2 augustus 2020
50-jarig priesterjubileum
H. Augustinus – Amsterdam-Amstelveen
Geloof (Hebreeën 11:1-12:1)
Hoop (Charles Péguy) en
Liefde (Johannes 15:9-17)

Pastoor-deken Ambro Bakker s.m.a.Beste familieleden, vrienden en vriendinnen en parochianen. Op zaterdagavond 1 augustus 1970 werd ik om zeven uur in de Don Boscokerk in Alkmaar door bisschop Zwartkruis priester gewijd. En de dag daarna, op zondag 2 augustus, ging ik in dezelfde kerk om halfelf voor in mijn eerste mis. En nu zijn we 50 jaar verder. Wat is er veel gebeurd in die jaren, en wie had kunnen denken dat na 50 jaar het jubileumfeest in een coronatijd zou plaatsvinden.

Met onze locatieraad hebben we afgesproken dat we mijn 51-jarig jubileum volgend jaar in april of mei 2021 zullen kunnen vieren. Maar vóór die tijd is er ook nog een ander jubileum, en wel ons eigen kinderkoor bestaat ook dit jaar 50 jaar. In december hopen we dit feest, rond kerstmis, te kunnen vieren, samen ook met ons Latijns Parochiekoor.

50 jaar priester. Sommige keuzes bepalen heel je leven. Een dergelijk keuze heb ik gemaakt toen ik, schrik niet, 62 jaar geleden besloot om naar het seminarie te gaan van de paters van de Afrikaanse Missiën in Cadier en Keer. Wist ik toen precies wat ik deed en wist ik toen wat ik nu weet? In die 50 jaar lijkt wel alsof we in een totaal andere wereld en een heel andere kerk terecht zijn gekomen. Intussen heb ik zelf ervaren dat je motieven om priester te worden anders zijn dan je motieven om priester te blijven. En ik denk dat dat ook geldt voor elk huwelijk. Je motieven om met iemand te trouwen zijn anders dan je motieven om bij elkaar te blijven. En ik hoop, in beide gevallen, dat de motieven dieper zijn geworden. Het is voor mij duidelijk: ‘priester zijn is niet zo ‘n kunst, maar priester worden, daar doe je heel je leven over’. Ook diegenen die getrouwd zijn, zijn eigenlijk nooit uitgetrouwd, want trouw aan je partner, trouw aan je priesterwijding, je doet daar heel je leven over. Als je iemand vraagt ‘hoe lang zijn jullie getrouwd’, zou dan ook het juiste antwoord moeten zijn: wanneer, we trouwen nog steeds!

Na 50 jaar kijk ik automatisch terug en denk: wat heb ik ervan gemaakt. Heb ik altijd de juiste keuzes gemaakt? Nou, vergeet dat maar! Onderweg naar God en elkaar zijn er ook duidelijk foutieve en minder goede keuzes aan te wijzen. Het is niet voor niets dat wij elke viering beginnen met elkaar en God om vergeving te vragen. Maar er zijn ook veel momenten waar ik heel erg dankbaar voor ben. Ik vind het nog steeds een fantastische en boeiende weg die ik met Gods volk onderweg mocht en nog steeds mag gaan. Niet altijd een gemakkelijke weg. De kerk van 1970 ziet er in 2020 heel anders uit? Eind jaren zestig, begin jaren zeventig, zijn kerk en wereld op drift geraakt. Het Tweede Vaticaans Concilie net achter de rug, de studentenonlusten die een nieuwe tijd inluidde. Als jongeren zouden we het maken! Duizenden hippies elke nacht in het Vondelpark en slapend op de Dam. En onze boodschap was eenvoudig: ‘All you need is love!’

Wat hadden we grote verwachtingen. Het Concilie had de ramen naar de wereld opengezet. In enkele jaren verdwenen de meeste groot- en kleinseminaries. Heel veel priesterstudenten stapten in dat jaar over naar andere studierichtingen op de universiteit, vooral in Nijmegen en Tilburg. Vooral de menswetenschappen als psychologie, etnologie, en sociologie waren populair. Als priesterstudenten bleven wij slechts met z’n tweeën wonen in dat grote vrijwel lege klooster tot onze priesterwijding. We hebben werkelijk als laatsten het licht uitgedaan. Daarna is het seminarie, waarin we toen woonden, gesloten. Een nieuwe tijd was aangebroken, de veranderingen hadden zich voorgoed ingezet. Deze na-oorlogse ontwikkeling en ontzuiling waren niet meer te stuiten.

We zijn nu 50 jaar verder. Niet alleen de wereld, ook de kerken zijn veranderd, maar voor mij steeds met dezelfde boodschap die in die 50 jaar overeind is gebleven: laat je in je leven maar leiden door de drie kernwoorden: geloof, hoop en liefde. Naast mijn werk als hoofd Godsdienst van de KRO-RKK-radio, en mijn deelname aan veel uiteenlopende besturen, bleef mijn aandacht aan Afrika en ook aan het pastoraat me trekken. Werken in het pastoraat is werken in een spagaat. Ze verwachten dat je als priester vooraan in de kudde loopt, om iedereen de richting te wijzen van geloof, hoop en liefde. Maar eerlijk gezegd, ik ben niet zo ’n vooroploper. Ik voel me het meest thuis áchter in de kudde, te midden van mensen die de richting in hun leven kwijt zijn. Daar voel ik me het best op mijn plaats. Niet op de plek waar duidelijke antwoorden worden gegeven, maar plekken waar ik ook mijn eigen vragen met anderen mag delen.

Ontroerd ben ik door de talloze verhalen van goede en minder goede momenten in het leven van mensen om me heen. Wat heb ik daar toch ontzettend veel van u geleerd! En ik ben dankbaar dat ik met velen in hun leven een eindje mocht en nog steeds mag meelopen. Meer dan eens heb ik ervaren dat de voornaamste plek voor een priester niet ín de kerk is, maar gewoon tussen mensen: Gods volk onderweg. En ik spiegel me daarbij aan Jezus zelf, die vaak in de tempel te vinden was, maar vooral te vinden was op straat, tussen mensen. Vooral tussen hen, die van de weg zijn afgeraakt, of aan de kant gedrukt, onder de voet gelopen. Bij hen ligt Jezus’ eerste zorg (en hopelijk ook de mijne!) Opnieuw ervaar je hoe je, ook als priester, behoefte blijft hebben aan een voortdurende bekering, een voortdurende ommekeer, naar God, naar elkaar en naar jezelf. Nee, nooit is het me zo duidelijk, als in deze tijd waarin we nu leven: priester worden is niet zo’n kunst, priester-worden daar doe je heel je leven over.

Ook in deze spannende coronatijd laat ik mij leiden door geloof, hoop en liefde. Die houden mij op de been. En van deze drie is de liefde nog sterker dan ons geloof. Dat houdt ons bij elkaar. Dat zegt Paulus ook in zijn eerste brief aan de Corinthiërs: ‘Toen ik een kind was, sprak ik als een kind, voelde ik als een kind, dacht ik als een kind; nu ik volwassen geworden ben, heb ik het kinderlijke afgelegd. Thans zien wij in een spiegel, onduidelijk, maar dan van aangezicht tot aangezicht. Thans ken ik slechts ten dele, maar dan zal ik God ten volle kennen, zoals ik zelf gekend ben. Nu echter blijven geloof, hoop en liefde, de grote drie, maar de liefde is de grootste.

Is geloof dan niet belangrijker dan de liefde? Ik kan u uit de droom helpen. Het Latijnse woord voor ‘ik geloof’ is het woord Credo. Dat woord bestaat uit twee woorden: ‘cor’ en ‘dare’. Het woord ‘Cor’ betekent ‘hart’ en het woord ‘dare’ ‘plaatsen bij’. Met andere woorden: je kunt alleen maar geloven in God en in elkaar, als je je hart bij God en bij de ander hebt liggen. Geloven doe je met hart en ziel. Dat is de kern van ons geloof. In ons geloven komt ons hart op de eerste plaats. Ik begrijp nu waarom Paulus zegt: het grootste van geloof, hoop en liefde, is de liefde.
Liefde beheerst ons leven. Als je de teevee of de radio aanzet, dan gaat het binnen een minuut al over liefde, maar ook in onze contacten met elkaar. De grootste van deze drie is de liefde. En dat klopt, want Liefde is een woord waar je niet over uitgepraat raakt. Het brengt je in vuur en vlam. Het begint tegenwoordig al heel vroeg. Een van de kinderen, 10 jaar oud, zei eens tegen me: ‘Ik heb een nieuwe vriendin’ ‘Zo’, zei ik, ‘is het je eerste vriendin’ ‘Nee’ zei hij’, ‘ik daarvoor nog twee vriendinnen gehad: Judith en Babet.’ Ik zei: ‘nou, kies je elke keer weer een nieuwe vriendin?’ ‘Ja’, zei het joch, ‘maar als ik achttien ben krijg ik een vriendin die dan m’n laatste is. Met haar trouw ik en dan blijven we altijd samen!’. Na zo’n gesprek denk ik: je kunt wel zien dat we in het jaar 2020 leven.

Kinderen praten wat gemakkelijker dan vroeger, en hoe klein ze ook zijn, al heel vroeg vinden ze het op de basisschool heel gewoon dat je op iemand bent. Toen een van mijn neefjes klein was zei hij tegen me: ‘ik heb een vriendin, ze heet Moniek, wij zijn vrienden’. Ik zei: ‘weet Moniek dat ook?’ ‘Nee, nog niet’, zei hij toen, ‘want ik moet het nog aan haar vragen of ze m’n vriendin wil zijn’. Ja als het over liefde gaat, is het zelfs al voor kleine kinderen een hot item.

De wonderlijke kracht van de liefde en de vriendschap. Het kan ook een dramatisch wonder zijn. Als je staat bij een sterfbed en als je ziet hoe partners in stilte, want woorden spelen nauwelijks een rol in de liefde, elkaars hand vasthouden totdat de ander verdwenen is achter de horizon. Een laatste kus, een arm wordt gestreeld, soms een kreet, een naam die wordt gestameld, een laatste oogopslag. Het zijn kostbare momenten die je een leven lang bij blijven. Woorden en gebaren die ons helpen om verder te leven. Daarom is het zo pijnlijk, als mensen plotseling sterven in het verkeer of in deze Coronacrisis. Dat slaat een geweldig gat in je leven. Want dat laatste gebaar, die laatste groet, als dat mogelijk is, is het laatste wat je als mens prijsgeeft. Het is een woord, een gebaar, zonder opsmuk, zonder verraad. Je hebt immer niets meer te verliezen. Toneelspel is volkomen overbodig. Je hoeft niets meer op te houden.

Een oud Latijnse kerklied zingt: ‘Ubi Caritas et Amor, Deus ibi est’ (waar vriendschap heerst en liefde, daar is God). Gods liefde is grenzeloos. En hoe zit het met onze liefde? Is onze liefde soms niet te veel begrensd? Als het om liefde en vriendschap gaat, kiezen we soms al te gemakkelijk voor degenen die dicht bij ons wonen. Sommige mensen mogen we graag, anderen helemaal niet, en weer anderen laten ons helemaal koud. Jezus zegt ons dat zijn Vader in zijn Liefde onbegrensd is, grenzeloos dus. In de Liefde liggen er voor Jezus geen scheidingslijnen tussen mensen. Liefde voor mensen met wie je samenleeft, maar ook liefde voor de mensen die met miljoenen hun land moesten verlaten omdat hun land verscheurd is en wordt door oorlogen, terrorisme en hongersnood.

Tussen mijn boeken staat een boekje met een spreuk voor elke dag, geïnspireerd door de H. Augustinus. Het boekje heet: ‘Eert in elkaar God’. Daar kwam ik o.a. de volgende spreuk tegen: ‘Wij kunnen wel roepen tot God, maar als het gebed enkel bestaat uit een stemoefening, zonder dat het hart op de liefde van God en op gericht is, wie twijfelt er dan aan dat dit alleen maar tijdverlies is’. Tenslotte geef ik u nog één wijs advies van de Augustinus. Hij schreef toen: bemin en doe wat je wilt. Wil je zwijgen, zwijg uit liefde. Wil je schreeuwen, schreeuw uit liefde. Wil je elkaar corrigeren, doe dat uit liefde. Wil je vergeven, vergeef uit liefde. Draag de bron van liefde in je hart want uit liefde en vriendschap kan alleen het goede voortkomen.

Zoals Jezus dat vandaag ook tegen ons heeft gezegd: ‘Blijf in liefde met Mij verbonden. Als je mijn opdracht ter harte neemt, zul je ook in liefde met Mij verbonden blijven’. Dat is onze opdracht: leven in liefde en vriendschap, met elkaar, maar vooral ook met God. Hij is Degene aan wie je je roerselen in je ziel kunt toevertrouwen, zowel in verdrietige dagen als blijde dagen. En naast geloof en liefde staat de hoop centraal. Daar vertrouw ik ook op. Dat er, God zij dank, ooit weer eens een tijd zal komen dat wij in elkaar weer in onze armen kunnen en mogen sluiten. En hopelijk zal dat de tijd zijn, waarin we volgend jaar, in april of mei, mijn 51-jarig jubileum samen hartelijk kunnen vieren. En 51 is toch ook een mooi getal…

Ambro Bakker s.m.a.
Locatie: H. Augustinus

50 jarig priesterfeest Ambro Bakker s.m.a.

Kerstboodschap pastoor-deken Ambro Bakker s.m.a.

Pastoor-deken Ambro Bakker s.m.a. heeft dit jaar met Kerst de os en de ezel bij de kribbe met het kindje Jezus op zijn bureau staan. Waarom maken deze twee dieren de kerststal zo bijzonder? Welke boodschap zit hierin verborgen? Hoe zijn de os en de ezel in de Kerststal komen? Deken Ambro Bakker neemt u mee in de diepere lagen van het ontstaan van de kerststal en de betekenis die dit heeft voor het kerstverhaal. Dit mag u niet missen… Zalig Kerstmis.

Nieuwjaarstoespraak 2019 – Dekenaat Amsterdam

maandag 14 januari 2019
Augustinuskerk – Amsterdam-zuid

nieuwjaarstoepraak 2019Dames en Heren, voor de veertiende keer mag ik, als deken van Amsterdam, de dekenale nieuw­jaarstoespraak houden. Fijn dat u er bent. Een nieuwjaarsreceptie is een goed moment om el­kaar te ontmoeten, elkaar aan te moedigen, el­kaar te inspireren, en om van 2019 weer iets moois en goeds te maken.

Nieuwjaar, even een moment van bezinning, van stilstaan, van terugkijken en vooruitkijken. Nieuwjaar als een stoplicht, een momentop­name: allemaal even niet bewegen! We gaan nog wat onwennig het nieuwe jaar in. Mensen, die­ren, huizen en bomen: we zijn allemaal weer wat ouder geworden. Ook 2019 zal weer een jaar worden van druk menselijk verkeer, met vele verkeersborden en vele overtredingen. Ze zullen er weer volop zijn: de gevaarlijke krui­singen, de lastige tegenliggers, de uithollingen overdwars, de wegversmallingen en de gevaar­lijke oversteekplaatsen. Hoe veilig zal het men­se­lijk verkeer in 2019 zijn?

Lees “Nieuwjaarstoespraak 2019 – Dekenaat Amsterdam” verder

Nieuwjaarstoespraak door Ambro Bakker s.m.a.

Nieuwjaarstoespraak door Ambro Bakker s.m.a.
Voorzitter R.K. Parochie Amstelland
6 januari 2018
locatie: Titus Brandsma

BLIJF OP HEM VERTROUWEN (PSALM 115)

Pastoor-deken Ambro Bakker s.m.a.Op deze nieuwjaarsrecep­tie mag ik u allereerst alle goeds voor 2018 toewen­sen onder Gods rijke ze­gen. Het is trouwens ook heel bemoedigend om te zien dat opnieuw weer velen van u op deze nieuwjaarsreceptie zijn afgekomen, om elkaar te ontmoeten en elkaar alle goeds toe te wensen voor het nieuwe jaar 2018 dat voor ons ligt.

In 2017 hebben we eindelijk vervanging gekre­gen van pastoor Buitendijk in de persoon van pastoor Eugène Jongerden die ik op zondag 17 september 2017 heb mogen installeren als mede­pastoor van RK Amstelland. Daarmee werd ein­delijk de vacature binnen het pastoraat inge­vuld. Ik wil vanavond in het bijzonder de paro­chianen en vrijwilligers van de Titus Brandsma en van de H. Geest/Urbanus Bovenkerk bedan­ken voor extra hun inzet in de afgelopen peri­ode. In het bijzonder noem ik ook de namen van diaken Paul Koopman en pastoor Jan Adolfs. Ook jullie bedankt voor jullie geweldige inzet van het afgelopen jaar. Ik ben trots op jullie!

RK-Amstelland telt nu weer twee pastoors. In­dertijd heb ik met pastoor Buitendijk afgespro­ken dat hij het voortouw zou nemen als pasto­raal leider (moderator) in de parochie RK-Am­stelland, terwijl ik me, naast mijn werk in onze fraaie parochie, me vooral zou richten op mijn werk als deken van het dekenaat Amsterdam.

Door het vertrek van pastoor Buitendijk heb ik me de afgelopen jaren ingezet voor béide aan­dachtsvelden: Het Dekenaat Amsterdam én pa­rochie Amstelland. Nu pastoor Jongerden de af­gelopen maanden zich heeft ingewerkt, zal ik, hoewel de bisschop mij in november opnieuw tot moderator heeft benoemd, de bisschop vra­gen om per 1 februari Pastoor Jongerden te be­noemen tot moderator. Dat wil zeggen dat hij het pastoraat in Amstelland zal aansturen. Voor alle duidelijkheid: wij blijven beiden pastoor van de vijf geloofsgemeenschappen in Amstel­land, waarbij pastoor Jongerden moderator wordt en ik me naast mijn werk in Amstelland vooral ook bezighoudt met het Dekenaat Am­sterdam. Bestuurlijk betekent dat dat pastoor Jongerden per 1 februari voorzitter zal zijn van het bestuur en ik plaatsvervangend voorzitter. Ik wens pastoor Jongerden Gods zegen toe over zijn werk hier in Amstelland.

De tweede wijziging in het pastoraat is de komst van pastor Dea Broersen als pastoraal op­bouwwerker voor drie dagen in de week. We zijn blij met haar komst. In haar werk zal ze zich vooral bezighouden met het verbinden van de vijf geloofsgemeenschappen en het ontwikkelen van nieuwe samenwerkingsmogelijkheden. Wij zijn gewend dat pastores ook in de vieringen voorgaan. Dat zal bij pastor Broersen ongetwij­feld weleens gebeuren, maar we moeten er aan wennen dat pastores niet altijd gericht zijn op het voorgaan in de liturgie, maar ook werkzaam kunnen zijn deelgebieden als catechese, dia­conie, ziekenpastoraat, opbouwwerker etc. Ik wens Dea, die haar kantoor heeft op de pastorie van de Augustinus, veel succes en Gods zegen over het belangrijke werk dat haar te doen staat.

Het pastoraal team is nu goed bezet, hoewel we ons moeten realiseren dat dat uitgangspunt ook relatief en broos is. In feite gaat het hier niet om vijf formatieplaatsen, want drie van de vijf for­matieplaatsen worden uitgeoefend in deeltijd of als vrijwilliger.

Als pastoraal team ligt ons accent, ook in het nieuwe jaar, op Catechese, Diaconie, Liturgie, Samenwerking, Nabijheid en het Interreligieus gesprek.

A* Waarom Catechese?
Omdat wij net als Jezus van Nazareth voortdurend in de leer moeten gaan bij Schrift en Traditie met het oog op dienst aan de wereld en een persoonlijke in­nerlijke groei. Wat betekent Jezus volgen in onze tijd? Hoe laat hij zich ontmoeten in mijn leven? In mijn eigen pastorale praktijk ervaar ik steeds meer dat veel jonge mensen in onze tijd weer op zoek zijn naar zingeving en hoe kunnen wij er voor zorgen dat het verhaal van de Levende blijft doorverteld van vader op dochter en van moeder op zoon?

B* Waarom Diaconie?
Omdat, zeker in een stad als Amsterdam/Amstelland, de zorg om de naasten, van welke afkomst, huidskleur, religie, seksuele geaardheid ook, onze voortdurende aandacht en zorg vraagt. Aan de wijze waarmee wij omgaan met marginalen kan afgelezen wor­den of wij écht volgelingen van Jezus van Na­zareth zijn, Steeds meer raak ik ervan overtuigd dat bij het eindoordeel God ons maar één vraag zal stellen. En dat is de vraag ‘mens waar is, op je reis naar Mij toe, je broer, je zuster, gebleven? Ook in ónze samenleving neemt de tweedeling toe. En dan kunnen ze wel zeggen dat het met de échte armoede best meevalt, – want niemand is armer dan in de jaren vijftig, – het werkt, een sociaal isolement van bevolkingsgroepen en individuen in de hand.

C* Waarom Samenwerking Liturgie?
Als pastores vinden we het belangrijk om regelma­tig voor te gaan in de diverse Amstellandse geloofsgemeenschappen. Ook blijven we op dit punt zoeken naar vormen van samenwerking binnen de Liturgie, die ons gemeenschapsgevoel kan versterken en verstevigen.

D* Waarom Samenwerking?
Door samen­werking kunnen we elkaar stimuleren en aansturen en ook samen kunnen zoeken naar vernieuwende vormen van pastoraat. Het voor­komt navelstaarderij en isolement.

E* Waarom nabijheid?
Naast alle vormen van samenwerking pleit ik ook hartstochtelijk voor een nabij-pastoraat. Als we de Geest willen koesteren in elk mens, dan zullen we elkaar na­bij moeten zijn, misschien nog meer om naar elkaar te luisteren en elkaar te bevestigen, dan te vertellen hoe het allemaal moet. Met het geduld van een boer die zaait en erop vertrouwt dat het zaad groeit, in de nacht, in de duisternis, zonder dat je het ziet.

F* Tenslotte Waarom interreligieus ge­sprek?
Het antwoord is eigenlijk vanzelfspre­kend. In onze multiculturele steden als Amster­dam en Amstelveen, hebben we mogelijkheden als geen ander om met andere culturen, andere godsdiensten, andere leefstijlen, kennis te ma­ken, ervaringen uit te wisselen en van elkaar te leren. Streven naar een eenheid in verscheiden­heid. Voortdurend op zoek, niet naar wat ons scheidt, maar wat ons samenbindt. Voor mij zijn dit vijf pastorale ankerpunten, die ook in 2018 alle aandacht verdienen.

En zo vaart ook in 2018 in Amstelland het tweeduizend jaar oude schip van de kerk ver­der. Dat de kerk wel vergeleken wordt met een schip, maar nooit met een trein, kan nauwelijks toeval zijn. Ge-baan-de-wegen, automatische wissels, en slagbomen langs het traject, waar­door het overige verkeer van de route geweerd kan worden, zijn de kerk niet gegeven (al zijn er mensen die dat betreuren!) Voor diegenen die van probleemloos reizen houden is ’t wellicht een zware dobber, maar varen veronderstelt niet alleen kennis van het schip en de stuurinrich­ting, maar ook kennis van water en wind. Stuur­manskunst betekent: stromingen benutten, klip­pen omzeilen en… koers houden!

In de tweeduizend jaar die achter ons liggen heeft ‘het schip van de kerk’ veel averij opgelo­pen! Sinds Jezus het roer in handen van mensen heeft gegeven zijn de botsingen niet van de lucht geweest. Maar het is en blijft wonderlijk dat mensen steeds weer op de brokstukken zich blijven verzamelen, om opnieuw hun koers te bepalen. Er zit veel waars in ‘t oude Nederland­se spreekwoord: ‘God heeft ons ook voor 2018 geen kalme reis beloofd, maar wel een be­houden thuiskomst.’

Waar mensen oprecht blijven, blijkt de juiste balans, de juiste koers toch gevonden te worden. Het Evangelie is bron van eenheid, maar helaas ook bron van veel verdeeldheid ge­worden. Meer dan ooit zijn we ervan overtuigd dat we al onze zeilen moeten bijzetten om in de stormach­tige ontwikkelingen van deze tijd onze koers te kunnen blijven bepalen om de evangelische waarden ook door te kunnen geven aan toekom­stige generaties! Steeds meer vinden wij elkaar in datgene wat ons samenbindt: bezinning, vie­ren, acties en gebed. Misschien ‘langs ongebaan­de wegen’ zoals Huub Oosterhuis zegt ‘met iets in ons hoofd dat stroom en licht geeft’

‘Een schip, we noemen het de kerk’. Dat beeld hanteren wij vaak. Zelf gebruik ik liever beeld van de trein. Weet u waarom? Ik heb daar 12 redenen voor:

  1. De trein wiebelt en deint niet, maar heeft een stevige ondergrond van zand en grind (het geloof van onze ouders) geeft vertrouwen voor verdere uitbouw en opbouw.
  2. Een duidelijk spoor die we ook in 2018 willen uitzetten, markeert de weg naar de toe­komst. Kiezen voor een eigen rit en een eigen bestemming, zet je al gauw op een dood spoor.
  3. Dwarsliggers: Daarvan zijn er voldoen­de in onze geloofsgemeenschappen aanwezig! Zij halen soms de vaart uit de samenwerking, maar de ervaring leert ook dat elke trein verder kan door de aanwezigheid van juist de dwars­liggers!
  4. Wissel: Het is niet alleen wenselijk, maar ook heel noodzakelijk om op het juíste moment de wissels om te gooien.
  5. Rangeren is een kunst. Uitrangeren is vaak de makkelijkste weg, maar niet de weg van Jezus Christus!
  6. Zwartrijders: niet wij bepalen wie er met ons mee gaat. Welkom is iedereen van wel­ke kleur, ras, godsdienst, seksuele geaardheid, inkomen, kerkbinding of wat dan ook.
  7. Stootblok: af en toe lastig, krijg je soms flinke hoofdpijn van! Maar misschien moeten we dankbaar zijn dat we af en toe moeten stil­staan: om te herstellen en op adem te komen.
  8. Roest en onkruid: als een spoor niet wordt gebruikt, ontstaat er roest. Bovendien krijgt het onkruid alle kansen om het spoor te overwoekeren.
  9. Horizon: een visie, een geloofsovertui­ging, een horizon, doet meer vermoeden dan je nu kunt zien. Het werkt blikverruimend, geeft vaak nieuwe perspectieven.
  10. Zonlicht: de warmte en het licht van de zon (Gods Koninkrijk en zijn Gerechtigheid) zijn weldadig. Ze zijn tevens doel van de reis.
  11. Bovenleiding: geen trein komt op zijn bestemming zonder contact met de boven­leiding. Daar komt onze kracht en inspiratie vandaan!trein
  12. Tenslotte, mogen wij in 2018, ons in ons samen-kerk-zijn geïnspireerd en gesteund weten door de woorden van psalm 115: ‘Gij allen, die in het huis van God uw diensten verricht. Blijft op Hem vertrouwen. Hij is uw hulp en schild. De Heer bewaart ons in zijn hart, en geeft ons zijn zegen’.  Ik dank u voor uw aandacht en hoop op een goede en vruchtbare samenwer­king binnen bestuur en pastores, en de vele vrijwilligers en onze parochianen. Ik heb er zin in en alle vertrouwen dat het ook in 2018 in RK-parochie Amstelland goed toeven is, en alles zal lopen als een trein.