EEN OMGEKEERD KERSTEVANGELIE

Kerstmorgen 
Jesaia 52:7-10 en Johannes 1:1-18 

In het eerste regeringsjaar van Koning Alexander en Koningin Maxima, in hetzelfde jaar waarin Barack Obama viervorst van de Verenigde Staten was en zijn broer Vladimir Poetin, viervorst van Rusland; in datzelfde jaar waarin vele mensen omkwamen door een alles verwoestende herfststorm, die mensen en hun huizen vernietigde op de Filippijnen; in hetzelfde jaar waarin Greenpeace-activisten in Rusland werden gearresteerd; in het zelfde jaar waarin er talloze mensen stierven in de oorlogen van Syrië, Irak, Afghanistan en op zoveel andere plekken; in hetzelfde jaar waarin Nelson Mandela stierf; in het zelfde jaar waarin alleen wij Nederlanders miljarden uitgaven voor onze kerstinkopen; in datzelfde jaar maakten miljoenen mensen zich op om – op bevel van de kalender – het Kerstfeest te vieren. Iedereen ging die nacht naar zijn eigen kerk, die speciaal voor die nacht was omgetoverd in een vredig stalletje van Bethlehem.
En ook Jezus van Nazareth, omdat Hij wist dat Hij uit het geslacht van mensen was, wilde te midden van de mensen het Kerstfeest vieren. Hij trok die nacht langs kerken en kathedralen, die uitzonderlijk goed gevuld waren. De kerken zaten zelfs zo vol met mensen, dat er voor Jezus in de Kerstnacht geen plaats was in het stalletje. Teleurgesteld zocht hij die nacht maar een plaatsje in een herberg! Lees “EEN OMGEKEERD KERSTEVANGELIE” verder

INBURGEREN

Kerstnacht 
Jesaia 9:1-3.5-6 en Lucas 2: 1-14 

Het Kindje Jezus is een Kindje van het jaar nul. Soms denk ik, het is maar goed dat Jezus toen geboren werd, want als hij nu, in 2013, geboren zou worden, zouden we het Kerstfeest alleen maar kunnen vieren, als Jozef en Maria een inburgeringcursus hadden gevolgd! Of ze waren als ongewenste vreemdelingen buiten de deur gezet. In onze dagen waren ze de stal niet ingekomen! Het zijn toch vreemdelingen. Daar moet je niet al te lichtzinnig mee omgaan! Als het Kindje Jezus in 2013 geboren zou worden, dan was er voor Hem ook geen plaats in het Amstelhotel of het Okurahotel. Hij zou hier in Amsterdam ook niet geboren worden in een stal. Nee waarschijnlijk zou Maria dan vannacht bevallen in de voormalige gevangenis in de Havenstraat. Daar zitten immers vele asielzoekers te wachten op hun uitzetting! Lees “INBURGEREN” verder

HET LOT VAN ALLE PROFETEN

3e zondag van de Advent – A 
Jesaia 35:1-6a.10 en Matteüs 11:2-11 

Ik moet een jaar of 9 geweest zijn, geen centrale verwarming, alleen ‘n grote kachel in de woonkamer. De rest van het huis steenkoud. Steenkoud als je naar het toilet moest, ijskoud ook als je ging slapen. Als je geluk had lag er ergens een kruik. Dan waren tenminste je voeten warm! Soms lag er zelfs rijp op de dekens! Op zo’n ijskoude morgen werd ik wakker. De ijsbloemen stonden dik tegen de ruiten. Een sprookjesachtig gezicht. Het leek alsof je in een droomkasteel woonde! Lees “HET LOT VAN ALLE PROFETEN” verder

DE POORTWACHTERS VAN HET KERSTFEEST

2e zondag van de Advent – A 
Jesaia 11:1-10 en Matteüs 2:1-12 

Twee profeten staan vanmorgen centraal: de profeet Jesaia uit het Oude Testament en Johannes de Doper uit het Nieuwe Testament. Deze twee profeten worden de poort-wachters van het Kerstfeest genoemd, want beiden kondigen zij de Messias aan. Lees “DE POORTWACHTERS VAN HET KERSTFEEST” verder

VOL VERWACHTING KLOPT ONS HART

1e zondag van de Advent – A 
Jesaia 2:1-5 en Matteüs 24:37-44 

Hier vooraan in de kerk, bij het altaar, staat opnieuw de Adventskrans. Hij staat op een oude boomstam, die lijkt op de Tronk van Jesse, waar nieuw leven uit ontspruit. De kerststal staat er nog niet. Die blijft nog even op zolder staan. Mijn kerstpostzegels heb ik al wel binnengekregen. En opnieuw moet ik constateren dat ik op de kerstzegels alleen maar sterretjes, kerstbomen, schaatsende kinderen en kerstmannetjes tegenkom en heel wat sneeuwvlokken. Kerstzegels, met daarop een afbeelding van de geboorte van Jezus, kom ik wéér niet tegen. Natuurlijk, als je vijf verschillende kerstzegels boven elkaar plakt zie je een lange smalle kerktoren, met op de top van de toren een half maantje! Lees “VOL VERWACHTING KLOPT ONS HART” verder

CHRISTUS KONING

Christus Koning
2 Samuël 5:1-3 en Lucas 23:35-43

In drie talen (Grieks, Romeins en Hebreeuws) liet Pilatus de reden van Jezus’ kruisiging aanbrengen aan de top van de kruisbalk: “Jezus, koning der Joden!” “Nee,” zeiden de omstanders, “er moet staan: Hij heeft gezegd, Ik ben de koning der Joden!”. Pilatus antwoordt dan: “Wat geschreven is, is geschreven” en hij gaat naar huis en wast verder zijn handen in onschuld. Het volk kijkt toe, passief, zwijgend, zichtbaar teleurgesteld. Ze hadden toch méér van die Jezus verwacht! De leiders van het volk voelen zich de lachende derde en roepen: “Anderen heeft hij gered, laat hij nu zichzelf maar redden!” Ook de Romeinse soldaten kijken toe – onverschillig. Ze vinden het alles bij elkaar maar ‘n zielige vertoning! Voor hen is ‘t de zoveelste terechtstelling. Eigenlijk gebeurde er die dag niets bijzonders… Lees “CHRISTUS KONING” verder

ZACHEÜS, WONDER VAN BEKERING

31ste zondag door het jaar – C
Wijsheid 11:23-12:2 en Lucas 19:1-10 

Kinderen zijn gek op verhalen. Ze kunnen eindeloos naar hetzelfde verhaal luisteren. En ze kennen het zó van buiten dat je er geen woord aan mag veranderen. Kinderen leven van de herhaling. Jezus houdt ook van verhalen. Hij vertelt ze bij bosjes. En als je niet beter weet, zou je denken dat het gewone verhaaltjes zijn Het gaat over een vrouw die brood bakt, een vrouw die een geldstuk kwijt is, een herder van wie een schaap in het struikgewas terecht is gekomen, een vader die zijn zoon kwijt is. En over een tollenaar Zacheüs die van iedereen de boom in kon. Bij Jezus vind je geen lange theologische redeneringen, Hij is een man van verhalen, “En wie oren heeft om te horen, dat hij hore”. Lees “ZACHEÜS, WONDER VAN BEKERING” verder

HEMELSE TROUW

32ste zondag door het jaar – C
2 Makkabeeën 7:1-2.9-14 en Lucas 20:27-38 

Is Jezus nou verrezen of niet? Paulus zegt: “Als Christus niet verrezen is, is ons geloof ijdel en zonder hoop”. De Sadduceeën, een groep vrijdenkers ten tijde van Jezus, geloofden niet in de verrijzenis. Zij verzinnen een verhaal om het geloof in de verrijzenis belachelijk te maken.

Lees “HEMELSE TROUW” verder