Nieuwjaarstoespraak 2018 – Ad Verkleij

Nieuwjaarstoespraak 2018 – door Ad Verkleij,
Vicevoorzitter R.K. Parochie Amstelland

Ad VerkleijBeste medeparochianen

Traditioneel bestaan nieuw­jaarstoespraken uit een te­rugblik en een vooruitblik. Over die tweedeling is in de loop van de jaren over nage­dacht. Dus ik volg maar de­ze traditie. Daarom eerst zeven punten uit het afgelopen jaar:

  1. Na een periode van onderbezetting, is het pastoraal team nu weer compleet. We heb­ben in september pastoor Eugène Jongerden mogen installeren en vandaag hebben we Dea Broersen als pastoraal opbouwwerker mogen begroeten. Daarmee is ons pastoraal team niet alleen versterkt maar ook verjongd. Samen met onze deken-pastoor Ambro Bakker, diaken Eugène Brussee en diaken Paul Koopman heb­ben we nu een stevig en divers pastoraal team. Ik realiseer me dat we daarmee in het Bisdom en in de Nederlandse kerkprovincie goed bedeeld zijn. Bestuur en pastoraal team zijn druk met elkaar in gesprek hoe we deze rijkdom aan men­sen zo goed mogelijk kunnen inzetten voor de toe­komst van onze parochie. Maar daarover later.
  2. We kunnen nog steeds een beroep doen op vele emeriti voor de ondersteuning van de locaties. Vanaf deze plaats wil ik hen bedanken voor een niet-aflatende inzet. Ook het komende jaar zullen we een beroep op emeriti blijven doen om de lokale gemeenschappen te onder­steunen, maar tegelijkertijd ook ruimte moeten creëren voor onze nieuwe leden van het pasto­raal team bij de verdere opbouw van onze pa­rochie.
  3. Ons parochieblad Spirit is uitgeroepen tot het beste parochieblad van Nederland. Nu vonden we het zelf ook al een mooi, informatief en professioneel blad, maar het is buitengewoon stimulerend dat dit nu ook landelijk is erkend. Complimenten voor de hoofdredacteur en de redactie!! Ik hoop dat jullie nog een aantal jaren met enthousiasme doorgaan. Jullie zijn er nog jong genoeg voor!
  4. Die dankbaarheid geldt ook voor de vele vrijwilligers en bestuurders. Een groot deel van onze vrijwilligers is al jaren actief en wil dat nog lang blijven doen. Dank daarvoor. Gelukkig is het op diverse plekken mogelijk gebleven om nieuwe, jong mensen aan te trekken. Ik noem hier met name Gertjan Zijp als bestuurslid bouwzaken en Reinoud Wibier als locatie coör­dinator in Bovenkerk. Fijn dat jullie ons bestuur­lijk kader zijn komen versterken.
  5. We hebben een actieve inmiddels loca­tie-overstijgende Caritasgroep, met een veelheid van activiteiten, zowel bij individuele hulpverle­ning als voor gezamenlijke acties. Onder leiding van een nieuwe voorzitter Thomas Bauer. Dank Thomas, dat jij je hiervoor wil inzetten.
  6. Het is ons gelukt om op alle locaties actieve gemeenschappen in stand te houden en naast de vieringen een groot aantal activiteiten te blijven aanbieden. Waar we trots op mogen zijn dat die activiteiten steeds beter ingebed worden in de bredere gemeenschappen binnen Amstelland. Ik noem de Passion in Ouderkerk; als onderdeel van het 150- jarig bestaan van deze parochie, de vele activiteiten in Bovenkerk, samen met de Stichting Vrienden van de Urba­nus en de zeer drukbezochte lezingencyclus over Maarten Luther in de Titus, en de zeer geslaagde lezingencyclus in de Augustinus over de achtergronden van het Credo. Stuk voor stuk activiteiten waarmee onze kerk actief naar bui­ten treedt. Dank daarvoor.
  7. Door alle krachten te bundelen is het de penningmeester Ralph Ferouge en de leden van de Financiële Adviescommissie (de FAC) gelukt om bijna al het achterstallig werk in de boek­houding tot en met 2016 af te ronden. Dat is werk op de achtergrond, maar essentieel voor een gezond financieel beleid. Ook daar dank voor jullie inspanning.

Kortom, we kunnen met enige trots en voldoe­ning terugkijken op wat we met elkaar in het afgelopen jaar hebben gerealiseerd. Ik zal echter de verleiding weerstaan om u een te rooskleurig beeld voor te schotelen voor de toekomst

Ik wil daarom een paar grote en kleine uitda­gingen noemen voor het komend jaar. De Bis­schop heeft in zijn Nota “Nieuwe Wegen” de alarmklok geluid. De krimp van de kerk gaat harder dan verwacht. De bisschop vraagt daar­om aan elke parochie om een toekomstvisie, waaronder een gebouwenplan, gebaseerd op een vitaliteitsscan van parochies. Naar mijn me­nig legt de bisschop in zijn nota te veel de na­druk op kerksluiting an sich. Al kunnen we onze ogen niet sluiten dat ook wij in onze paro­chie op den duur niet alle locaties meer nodig zullen hebben.

A* Wij zullen eerst met elkaar in gesprek moeten over wat wij in de toekomst aan liturgie, pastorale zorg, diaconie en vorming en toerus­ting willen aanbieden. Dat zal mede gebaseerd moeten zijn op waar in de 21ste eeuwse sa­menleving behoefte aan is. Hoe zien we de positie van de kerk in de bredere samenleving? Bovenkerk en Ouderkerk zijn goede voorbeel­den waarin het kerkgebouw zich weer een cen­trale plek in de bredere gemeenschap aan het veroveren is.

B* Dat gesprek hebben we met elkaar te voeren; met respect voor de traditie maar met het oog op de toekomst. Dat zal dan ook een ge­sprek moeten zijn tussen generaties. Het zal gaan om loslaten en opbouwen. Om respect voor elkaar maar ook om elkaar ruimte te geven. Ik heb in eerdere toespraken het vaak gehad aan het doorgeven van alles wat ons dierbaar is aan vol­gende generaties. Dat is nu, meer dan ook aan de orde. Wat dat betreft zie ik een belang­rijke rol weggelegd voor die nieuwe generaties. Ik prijs me daarom nogmaals gelukkig dat we her en der in de locaties deze jongere mensen hebben kunnen betrekken bij onze gemeen­schap.

C* Een belangrijke randvoorwaarde is daarbij wat wij van onze pastores en vrijwilli­gers mogen vragen. Op de oude voet doorgaan, met 5 relatief zelfstandige locaties lijkt geen toe­komstvast verhaal. Locatie-overstijgende activi­teiten zijn de toekomst. Dat gebeurt deels al, maar zal sterker worden; ook om onze pastores te beschermen tegen overweldigende werkdruk.

D* Het bestuur en pastoraal team zullen met ondersteuning van Dea Broersen dit toe­komsttraject uit gaan zetten. Niet van bovenaf, maar luisterend naar wat er onder de jongere en oudere parochianen leeft en te rade gaan bij anderen. En u kent mij inmiddels wel een beetje, dat we in die gesprekken ook onze eigen erva­ring en gedachtes zullen inbrengen. Onze ambi­tie is om op het reeds ingeplande coördinatoren overleg van 15 mei de contouren van die plan­nen te bespreken.

E* Het risico van een strategiediscussie is dat je alle besluiten verder opschort totdat je weet wat je wil. Dat kunnen we ons niet veroor­loven. Het is niet onze bedoeling om tot 15 mei verder niets te doen. Ik noem daarom een paar bestuurlijke zorgpunten, aandachtspunten, knel­punten of uitdagingen. Het is een beetje afhan­kelijk van je karakter welke term je gebruikt. Ik noem het graag ‘uitdagingen’:

F* De benoemingstermijn voor ons paro­chiebestuur loopt op zijn eind (juli 2018). Guido Smit en Ralph Ferouge willen geen tweede termijn. We zoeken dus opvolgers. U kunt zich bij ons melden maar wij voelen ook ons vrij om mensen ‘in het nekvel te grijpen’.

G* Dat hangt samen met de vraag in hoe­verre we onze organisatie met vooral vrijwil­ligers kunnen runnen. Met name op het gebied van administratie, financiën, financiële planning moderne communicatietechnieken nemen de eisen steeds verder toe. We moeten ons beraden hoe we onze organisatie daarin kunnen profes­sionaliseren.

H* De financiële situatie van de parochie is zorgelijk maar niet wanhopig. We hebben een redelijk tekort, dat we nog wel een jaar kunnen opvangen uit de reserves. Aandacht voor verho­ging van inkomsten, niet alleen uit de kerk­bij­dragen (dat loopt nog redelijk) maar ook uit an­dere bronnen (verhuur, tarieven, etc) is nodig.

I* GertJan Zijp en ik maken een rondje langs de locaties over de onderhoudssituatie van de gebouwen. Wij willen toe naar een on­derbouwd meerjarig onderhoudsplan voor de gebouwen en voor de parochie als geheel. Dat is evenzoveel input voor de bezinning op de toekomst van de parochie en de beslissingen die we willen nemen.
Nu dreig ik toch weer te eindigen met gebou­wen. Dat is niet de bedoeling. Maar dit waren de belangrijkste aandachtspunten.
Daarom tot slot:

Ik blijf hoopvol en houd vertrouwen in onze gemeenschap. Vaak wordt gesproken over snel­le achteruitgang van het aantal gelovigen. Ik vind dat een te pessimistische beschrijving. Ik hoorde op diverse plaatsen een nadere meta­foor: ‘Er is een generatie tussenuit’. Het opti­mistische daarvan is dat het niet alleen gaat om krimp. Na die ‘verdwenen’ generatie komt er weer een nieuwe generatie; kleiner in omvang; andere behoeftes. Jongeren, die de strijd in de kerk niet hebben meegemaakt, onbevangen te­gen ons aankijken; nieuwsgierig zijn en belang­stelling hebben voor het spirituele. We zien dat in kloosters, bij de volwassenendoop en we zien het in onze gemeenschap. Graag doe ik een be­roep op die volgende generatie om met ons mee te gaan. Met dat optimistische beeld en die op­roep wens ik u allen een zalig nieuwjaar.

2018

Eén gedachte over “Nieuwjaarstoespraak 2018 – Ad Verkleij”

Reacties zijn gesloten.